Alle energie naar de deflectoren.

Bepaling van de optimale positie van een straaldeflector voor vliegtuigmotorproeven met CFD

Bij grondproeven van vliegtuigmotoren ontstaat achter de motor een uitlaatstraal met zeer hoge snelheid en, afhankelijk van het motortype, een sterk verhoogde temperatuur. Deze straal kan gevaar opleveren voor personeel, voertuigen, gebouwen en andere vliegtuigen. Een straaldeflector buigt de uitlaatstroming omhoog en beperkt daarmee het risicogebied achter het vliegtuig.


De positie van de deflector is stromingstechnisch kritisch. Staat deze te dicht bij het vliegtuig, dan kan de afgebogen hete stroming in de richting van de horizontale of verticale staartvlakken worden geleid. Staat de deflector te ver weg, dan kan een deel van de uitlaatstraal langs of over de constructie stromen en zijn afschermende werking verliezen.


Voor een nieuwe straaldeflector voor de Airbus A380 op de luchthaven van Frankfurt onderzocht FlowMotion daarom met CFD verschillende posities en bedrijfscondities. Hiervoor werd een driedimensionaal model van het vliegtuig, de motoruitlaten en de deflector opgebouwd.


De berekeningen leverden de lokale snelheids-, temperatuur- en statische-drukvelden rond het vliegtuig en de deflector. Daarmee kon worden beoordeeld hoe de motorstraal werd afgebogen, waar recirculatie van hete uitlaatgassen kon optreden en welke thermische en aerodynamische belasting bij de staartvlakken ontstond.


Op basis van deze analyses konden voor de A380 en andere vliegtuigtypen geschikte posities op het testplatform worden bepaald.

Bij grondproeven van vliegtuigmotoren ontstaat achter de motor een uitlaatstraal met zeer hoge snelheid en, afhankelijk van het motortype, een sterk verhoogde temperatuur. Deze straal kan gevaar opleveren voor personeel, voertuigen, gebouwen en andere vliegtuigen. Een straaldeflector buigt de uitlaatstroming omhoog en beperkt daarmee het risicogebied achter het vliegtuig.


De positie van de deflector is stromingstechnisch kritisch. Staat deze te dicht bij het vliegtuig, dan kan de afgebogen hete stroming in de richting van de horizontale of verticale staartvlakken worden geleid. Staat de deflector te ver weg, dan kan een deel van de uitlaatstraal langs of over de constructie stromen en zijn afschermende werking verliezen.


Voor een nieuwe straaldeflector voor de Airbus A380 op de luchthaven van Frankfurt onderzocht FlowMotion daarom met CFD verschillende posities en bedrijfscondities. Hiervoor werd een driedimensionaal model van het vliegtuig, de motoruitlaten en de deflector opgebouwd.


De berekeningen leverden de lokale snelheids-, temperatuur- en statische-drukvelden rond het vliegtuig en de deflector. Daarmee kon worden beoordeeld hoe de motorstraal werd afgebogen, waar recirculatie van hete uitlaatgassen kon optreden en welke thermische en aerodynamische belasting bij de staartvlakken ontstond.


Op basis van deze analyses konden voor de A380 en andere vliegtuigtypen geschikte posities op het testplatform worden bepaald.

GFA
GFA
GFA